woensdag 20 september 2017

Recensie: Unlock!

Escaperoom spellen zijn op dit moment hotter dan hot. Uitgevers brengen dan ook het ene na het andere escaperoom spel op de markt. Sommige van deze spellen kan je echt maar één keer spelen omdat je het spelmateriaal vernietigd tijdens het spel (zoals de Exit spellen), voor andere spellen kan je vervangende onderdelen printen (escaperoom the game van Indentity) en in nog andere spellen blijft het spelmateriaal gespaard en kan een spel keer op keer gespeeld worden. Ook voor deze spellen geldt dat je het zelf maar één keer kan spelen omdat je daarna de oplossing kent (of je moet het spel een flinke tijd wegleggen zodat je de oplossing vergeten bent). Unlock! is een spel in deze laatste categorie.

In de doos van Unlock! tref je één dun en drie dikke stapels kaarten aan. Het dunne stapeltje is een kort introductie-scenario waarin je de belangrijkste spelmechanismen leert kennen. De drie dikke stapels zijn drie verschillende scenario’s. Ik ga natuurlijk niets verklappen over deze spellen om het spelplezier van toekomstige spelers niet te verklappen. Ieder scenario begint met een kort verhaaltje waarin uitgelegd wordt op welke manier je jezelf nu weer in de nesten hebt geholpen waardoor je ergens opgesloten zit. Het doel is iedere keer hetzelfde: ontsnappen! En het liefst zo snel mogelijk.

Vervolgens staat op de introductiekaart aangegeven welke (genummerde) kaarten je uit de stapel mag pakken en opendraaien. En dan begint het echte spel.  Er kan van alles op de kaarten staan, maar vaak krijg je in ieder geval kaarten met een afbeelding van de plaats waar je je bevindt en kaarten met verschillende voorwerpen. Op de kaarten staan soms ook rode en blauwe nummers. Vaak zie je niet meteen wat je met de kaarten kan of moet, maar als je beter kijkt dan zie je misschien wel ergens een nummer verstopt. Als je een nummer ziet dan mag je die kaart uit de stapel er bij pakken. Of misschien kan je wel een kaart met een blauw nummer combineren met een rood nummer (fictief voorbeeld: denk aan een stekker en een stopcontact). Je telt dan de beide nummers op en pakt de kaart met dat nummer uit de stapel. Maar vaak is het lastiger en moet je codes kraken door raadsels op te lossen. De code die je vindt moet je vervolgens controleren in de speciale Unlock-app. Als jouw oplossing klopt dan krijg je de opdracht om nieuwe kaarten te pakken die je weer een stapje verder brengen.

Natuurlijk kan het voorkomen dat je vastloopt. Dat hoort er aan de ene kant gewoon bij. Des te leuker is het als je de oplossing vervolgens gewoon zelf vindt. Maar het is natuurlijk niet de bedoeling dat je echt vast komt te zitten. Als dit toch gebeurt, dan kan je in de app tips vragen die je verder helpen. En als je het dan nog niet lukt dan kan je zelfs de oplossing opvragen.

En als je dan goed je best doet, werk je je langzaamaan door de stapel kaarten heen en weet je na het kraken van de laatste code te ontsnappen. Op de app kan je dan nog zien hoe goed je het gedaan hebt (hoe lang heb je er over gedaan, hoeveel hints heb je gebruikt, etc.).

...en de waardering

Ik heb Unlock! met ontzettend veel plezier gespeeld. Ik speelde het spel samen met een vriendin en het was leuk om te merken dat we elkaar goed aanvulden. Sommige raadsels die ik heel lastig zou vinden loste zij in no time op en ik was weer goed in dingen die zij lastiger vond. En soms wisten we het even helemaal niet meer, maar hielp de app ons weer op weg. De meeste raadsels vond ik heel leuk (zelfs als we hulp nodig hadden gehad om ze op te lossen). Er waren maar twee raadsels die ze van mij weg hadden mogen laten. Maar omdat ik het spelplezier van anderen niet wil verpesten, ga ik daar verder niets over zeggen.  De thema’s van de scenario’s zijn ook goed doorgevoerd in de raadsels waardoor je niet het gevoel hebt alleen maar abstracte raadsels op te lossen.

Op de doos staat dat je dit spel tot met zijn zessen aan toe kan spelen. Dat lijkt mij eerlijk gezegd een beetje overdreven. Het kan wel, maar dan heeft niet iedereen altijd wat te doen. Ik zou het spel met maximaal vier mensen willen doen.  Wat ik ook positief aan dit spel vind is dat je het spel niet kapot speelt. Zelf kan je het echt maar één keer spelen (of je moet heel lang wachten danwel heel vergeetachtig zijn), maar je kan het spel gewoon doorgeven (of verkopen) aan anderen en daarmee onderscheid dit escaperoom-spel zich in positieve zin van de concurrentie.







Auteurs: Alice Caroll, Thomas Cauët en Cyril Demaegd
Uitgever: Space Cowboys, 2017
Aantal spelers: 1-6
Leeftijd: vanaf 10 jaar
Speelduur: 45-90 minuten
Prijs: circa 30 euro

vrijdag 8 september 2017

Gespeeld in augustus

Augustus is doorgaans de maand waarin in de minste spellen speel, maar dit jaar was daar zeker geen sprake van. Het helpt dat het nog vakantie was en mijn kinderen steeds vaker meespelen. Ik pik er even een paar highlights uit.

Absolute topper van deze maand was El Dorado, het nieuwe bordspel van Reiner Knizia. Ik had hem al eens eerder gespeeld, maar toen was het nog niet goed verkrijgbaar. Inmiddels kun je het ook bij Nederlandse (web)winkels kopen. Voorlopig alleen de Duitse versie, een Engelstalige zal snel genoeg opduiken.
El Dorado is een racespel met een deckbouwelement. Je begint met acht eenvoudige kaarten, die je kunt spelen om je ontdekkingsreiziger vooruit te plaatsen, of betere kaarten te kopen. Het bord bestaat uit losse onderdelen, waarmee je talloze parcoursen kunt maken. De combinatie van racen en deckbouwen werkt heel goed. We hebben hier natuurlijk te maken met een zeer ervaren spelontwerper, dus in El Dorado zijn de parcoursen goed samengesteld, kom je geen gekke situaties tegen en is de balans precies goed. De verschillende scenario's vragen allemaal om een andere aanpak, waardoor je niet altijd maar weer dezelfde strategie moet spelen, waar sommige deckbouwers nog wel eens last van hebben. De mooiste bonus is dat dit spel met alle spelersaantallen goed is. Het blijft bovendien spannend tot het eind. Zelfs als je vlak voor het einde nog een heel borddeel achterligt kun je winnen. Dan moet je je deck alleen wel een beetje goed samengesteld hebben...

Terraforming Mars: omdat ik het een fantastisch spel blijf vinden ben ik voor de bijl gegaan en heb ik de Nederlandstalige versie gekocht. De Engelstalige was wat moeilijk verkrijgbaar en 20 euro duurder, dus ja. De (Vlaamse) vertaling is prima, wat nog niet vanzelfsprekend is gegeven het thema en de enorme hoeveelheid kaarten. Ik weet niet zeker of het echt nodig is om het zelf te hebben (ik ken genoeg mensen met wie ik regelmatig speel die het ook hebben), maar ik ben nog erg blij met mijn aanschaf. Ik heb die tenslotte al twee keer gespeeld.

Space Hulk: over fantastische spellen gesproken. Dit krijgt van mij nog steeds de hoogste waardering, maar het is geen spel dat ik elke maand kan spelen. Ik kan gewoon de spanning niet aan. Er is geen ander spel waarvan ik zo'n adrenalinestoot krijg. Vooral als ik de Space Marines speel krijg ik al knikkende knieën als het bord wordt samengesteld en ik de scenarioregels lees.
Het waren weer twee epische potjes (scenario VI, een keer met de beide partijen) en dit was er duidelijk een voor de Genestealers. Ze wonnen beide potjes, maar gemakkelijk ging dat niet. Jasper en ik zijn er nog niet uit wat nu de beste aanpak voor de Space Marines is, dus ook dit scenario is z'n wederspeelbaarheid nog niet kwijt. Wat een stress.

Ethnos: gespeeld op de tweewekelijkse spellenavond in Delft, waar aardig wat leden van de Noviteitencultus zitten. De doos doet vermoeden dat je met een overdadig fantasyspel te maken hebt, maar dat valt reuze mee (of je dat een plus of een min moet je zelf maar bepalen). Ethnos is een klassiek meerderhedenspel met een Small World-achtig fantasysausje, dat van verschillende spellen bruikbare elementen leent. Ik houd wel van het genre en Ethnos stelde zeker niet teleur. Ik heb wel mindere varianten gespeeld.



Grand Austria Hotel: dankzij de notering in de top-100 was ik wel benieuwd naar dit spel. Ilona heeft het in de kast, het was dus een kwestie van tijd tot het eens op tafel kwam. Ik begreep vrij snel waarom het nu zo populair is. Dit is een typische puntenpuzzelaar, waar je lekker puntjes kunt schrapen via allerlei mechaniekjes. Zeg maar het genre Stefan Feld. Ik heb er nooit een geheim van gemaakt dat ik geen fan ben van dit fantasieloze genre, maar gelukkig was GAH best aardig om te doen. Met twee spelers is de speelduur alleszins behapbaar en omdat het spel geen overkill aan rekensommen op je afvuurt is de tactische beslissingsruimte overzichtelijk. Ik zeg geen nee tegen nog een potje, maar heb niet gevoel iets te missen als dat er nooit van komt.

Brass: een klassieker die veel te lang op de plank had gelegen. Door de lengte en complexiteit komt dit niet snel op tafel. Met drie nieuwe spelers klokte het binnen op 2,5 uur (exclusief uitleg).Het hielp dat niemand in Birkenhead durfde te bouwen, dus hoefde ik die regel niet weer op te zoeken.
Maar dankzij dit potje heb ik ook weer wat liefhebbers om het online te spelen.

zaterdag 2 september 2017

Maandoverzicht: augustus 2017 (Dagmar)


Augustus was een topmaand op spellengebied. Niek en ik hadden de tweede helft van augustus vakantie en hebben in onze vakantie heel veel spellen gedaan. We zijn eerst een paar dagen naar Hamburg en Malmö/Kopenhagen geweest en hebben daarna thuis nog een weekje vakantie gevierd in ons eigen huis (staycation). In totaal kwam er daardoor 53 keer een spel op tafel. Mij hoor je niet klagen.

We hebben een aantal favorieten heel vaak gespeeld. Natuurlijk zat onze Scrabble reiseditie in onze tas toen we op vakantie gingen en kwam dit spel regelmatig op tafel. Niek is veel beter in Scrabble dan dat ik ben, dus ik ben wel gewend om van hem te verliezen. Maar meestal weet ik toch ook wel af en toe (eens in de vier à vijf potjes) een keer van hem te winnen. Deze vakantie was hij echter onverslaanbaar. Alle elf keer dat we deze maand Scrabble speelden, won Niek. Ik was een paar keer heel dichtbij, maar bijna is helemaal mis. Soms kan ik er natuurlijk wel flink van balen. Zeker in die potjes waar ik de ene lastige letter na de andere trok of alleen maar plankjes had met uitsluitend klinkers of medeklinkers, terwijl Niek alle blanco’s kreeg en mooie gebalanceerde combinaties van klinkers en medeklinkers. Maar desondanks blijf ik Scrabble een heerlijk spel vinden waar ik nog lang geen genoeg van heb.

Verder speelden we vijftien potjes Dominion. Ik heb Dominion met alle beschikbare uitbreidingen in een mooie verzameldoos zitten. Die doos is enorm zwaar. We zijn met de auto naar Hamburg en Malmö gegaan, maar zelfs dan wil je mijn Dominion doos echt niet meenemen. Dit spel speelden we dus gewoon lekker thuis. Tijdens mijn vakantie las ik dat er in dit najaar weer een nieuwe Dominion-uitbreiding gaat verschijnen. Er is nog niet zo veel over deze uitbreiding bekend, afgezien van de naam (Nocturne) en het thema (iets met vampieren en weerwolven). Als ik de muntjes en player-mats uit mijn Dominion-box ga halen en ze in een apart doosje ga bewaren, dan moet het nog net lukken om ook deze uitbreiding in mijn verzamelbox te stoppen. Ik hoop dus echt dat dit de laatste uitbreiding wordt die van Dominion uitkomt omdat ik anders echt in de opberg-problemen kom. Of als me dat nog wel lukt, ik gewoon niet meer sterk genoeg ben om Dominion op de tafel te zetten.

Een spel dat wel mee op vakantie mocht was Star Realms. Ik heb de afgelopen tijd een aantal kleine uitbreidings-pakjes gekocht. Voor de vakantie heb ik Star Realms, Colony Wars en alle schepen en ruimtebasissen door elkaar geschud en samen in doosje gestopt. In de expansions zitten bijvoorbeeld schepen en ruimtebasissen die bij twee fracties horen. Ik vind dit een erg leuke toevoeging. Deze kaarten veranderen het spel niet echt en dus kan je ook prima zonder spelen. Maar met deze extra kaarten heb je nog meer variatie en daar is ook helemaal niets op tegen. In de uitbreidingen zitten ook nog nieuwe soorten kaarten, zoals events (een soort chaotische kans-kaarten die je uit moet voeren als je ze trekt), hero’s (eenmalig te gebruiken voordeel) en gambits (voer een opdracht uit en je krijgt een voordeeltje). Ik heb deze kaarten nog niet gebruikt, maar wil dat zeker een keer gaan doen.

In de Star Realms doos heb ik verder twee ziplockjes met daarin een startdeck gestopt en natuurlijk een ziplockje met de explorers die je elk spel nodig hebt. Verder heb ik een dobbelsteen in de doos gestopt zodat we kunnen dobbelen om de startspeler te bepalen. De laatste toevoeging aan mijn Star Realms box zijn twee doosjes met roulette-muntjes in verschillende waardes. Normaliter houd je in Star Realms je Authority-level (levenspunten) bij met kaarten. Dit vond ik een beetje gehannes en daarom heb ik een setje met kleine roulette-muntjes gekocht. Dit speelt echt een stuk prettiger. Uiteindelijk hebben we in de hotels minder vaak Star Realms gespeeld dan ik van te voren had ingeschat (en gehoopt). In beide hotels waar we verbleven was het ’s avonds namelijk in de bar te donker om Star Realms op de tafel te zetten. Uiteindelijk kwam Star Realms 9 keer op tafel en de meeste potjes daarvan speelden we gewoon thuis.

De laatste vakantie-topper was Keer op Keer. Dit spel kwam nog 7 keer op tafel. Het eind van dit spel is wel in zicht. Het blokje scorebriefjes is namelijk bijna leeg. Ik heb 999 games al een mailtje gestuurd met de vraag of ik een nieuw blokje bij ze kan bestellen. Mocht dat niet lukken dan moet ik even geduld hebben tot Spiel. Daar worden drie uitbreidings-scoreblokken gepresenteerd waarop de vakjes op een andere manier verdeeld zijn over de blokjes.

Maar naast deze spellen stonden natuurlijk ook een aantal nieuwe spellen op tafel. Omdat ik tot mijn verbazing Escaperoom the Boardgame erg leuk vond (lees hier mijn recensie), durfde ik het aan om ook een van de nieuwe escaperoom spellen van 999 games te kopen. Deze spellen (de Exit-serie) hebben dit jaar de Spiel des Jahres gewonnen en dat is een goed teken. Ik had strategisch gekozen voor de Grafkamer van de Farao omdat dat thema Niek het meest aanspreekt. Ik had dit spel meegenomen op vakantie en op een avond dat we vroeg terug waren in het hotel zijn we het gaan spelen.

Ik kan natuurlijk niet heel gedetailleerd op het spel in gaan omdat ik niets wil verklappen. Niek en ik liepen in de eerste puzzel al vast en hadden Boardgamegeek nodig om verder te komen (en ja, we hadden de hintkaarten ook al bekeken maar zelfs dat hielp ons niet). En dit was helaas niet de enige keer. Bij heel veel puzzels liepen we vast. Soms hadden we wel de oplossing van de puzzel maar lukte het niet om die te vertalen naar de benodigde code of maakten we een fout bij het checken van de code. Dit was echt heel frustrerend (en dan niet op een leuke manier). Niek haakte als eerste af en ging lekker op zijn telefoon Stone Age zitten spelen terwijl ik door ploeterde. Ik wilde het spel uitspelen, maar vond het ook hoe langer hoe minder leuk worden en heb voor de laatste raadsels meteen de hints er bij gepakt omdat ik zo snel mogelijk klaar wilde zijn. Uiteindelijk zijn we ruim 2 uur bezig geweest.

Ik vond het spel tegenvallen. Het is veel minder thematisch dan Escaperoom the Boardgame van Identity en daardoor vond ik het minder leuk. Wat betreft aantal puzzels en uitdagingen krijg je wel waar voor je geld, maar omdat ik veel van de puzzels niet echt leuk vond was dat voor mij eerder een nadeel dan een voordeel (het spel duurde eindeloos). Ik vond veel materiaal ook erg klein. Wij waren met zijn tweeën en konden eigenlijk al vaak niet tegelijkertijd aan een puzzel werken omdat veel onderdelen erg klein zijn. Met een grotere groep wordt dit probleem alleen maar groter. En dan is dit ook nog een spel dat je echt kapot-speelt. Na een keer spelen kan je het gewoon weg gooien. In Escaperoom the Boardgame maak je ook bepaalde onderdelen kapot maar die kan je dan downloaden van een website en opnieuw printen. Die mogelijkheid bieden de Exit-spellen niet. Het spel kost 15 euro en dat vind ik dan eigenlijk toch net aan de hoge kant. Ik zou het spel heel graag nog eens spelen nu ik van te voren beter weet wat ik kan verwachten. Misschien dat het spel dan wat soepeler gaat en dus leuker wordt. Maar om daar nou 15 euro voor uit te geven….

Niek en ik speelden tijdens de vakantie eindelijk ook eens Het Koopmanshuis. Ik heb dit spel jaren geleden al eens gedaan, maar het was sindsdien niet meer op tafel gekomen. Het Koopmanshuis is een biedspel dat zich afspeelt in de Speicherstadt in Hamburg. Ik had dit spel al een paar jaar in de kast staan, maar had het nooit op tafel gezet omdat ik had verwacht dat het met twee spelers niet echt tot zijn recht zou komen. Maar door onze vakantie in Hamburg (met meerdere bezoeken aan de Speicherstadt), wilde ik dit spel toch een kans geven.  En ik werd positief verrast! Het spel werkt prima met zijn tweeën. Iedere ronde worden er een aantal kaarten in de verkoop gedaan (3 kaarten als je met zijn tweeën speelt, met meer spelers zijn het ook meer kaarten). Op deze kaarten staan gebouwen, schepen, contracten en brandweermannen waarmee je direct of indirect punten kan scoren of geld kan verdienen. Iedere speler heeft drie mannetjes en omstebeurt zet je die mannetjes bij een van de kaarten neer. Als alle poppetjes staan, worden de kaarten verkocht. Als eerste mag de speler waar het mannetje van vooraan staat de kaart kopen. Je betaald daar dan net zo veel geld voor, als er in totaal aan mannetjes staan. Geld is extreem schaars in het spel, dus echt elke munt die je uitgeeft doet pijn. Als je de kaart niet wilt kopen, dan haal je je mannetje weg en mag de volgende speler de kaart kopen. De kaart kost dan dus een geld minder. Dit is een heel interessant mechanisme. Soms wil je een kaart niet eens, maar plaats je gewoon een mannetje om de prijs lekker op te drijven.

Voor onze vakantie speelde ik ook nog twee nieuwe spellen. De eerste daarvan heb ik van Niek gekregen. Niek was deze maand voor zijn werk in Haarlem. Hij herkende de omgeving en bedacht dat de spellenwinkel vlak bij was. Toen hij ’s avonds thuis kwam kreeg ik tot mijn grote verassing een heel groot cadeau in mijn handen geduwd.  Hij had Inis voor me gekocht. In dit spel ben je bezig met het veroveren van verschillende gebieden door middel van het uitspelen. Dit doe je door kaarten uit te spelen die aan het begin van iedere ronde door middel van draften worden verdeeld. De doos van dit spel vind ik zelf niet zo mooi, maar het spelmateriaal ziet er wel prachtig uit. We hebben een tweepersoonspotje gespeeld. Ik vind het lastig om nu al iets over dit spel te zeggen. Dit type spellen is minder geschikt voor twee spelers. Het was nu een beetje te veel touwtrekken (je wint hier wat, verliest daar wat). Ik denk dat het leuker wordt met meer spelers (dan kan je proberen er als spreekwoordelijke derde hond met het been vandoor te gaan).


Het andere spel dat ik voor mijn vakantie voor het eerst speelde was Grimslingers. Dit spel speelde ik met mijn collega’s op kantoor. Een van hen had dit spel jaren geleden op Kickstarter gekocht vanwege de looks en het stond sindsdien te wachten om gespeeld te worden. De regels van dit spel zijn een beetje vaag en ons eerste potje ging daarom nog niet heel erg soepel en duurde wat lang. Maar de volgende twee keer ging het spel al beter. Je kan dit spel op twee manieren spelen en wij speelden de campagne-modus. Het spel speelt zich af in een soort alternatief Wilde Westen. In deze wereld leven allemaal rare wezens. Zelf beschik je over magische krachten en ben je half mens half machine. In deze campagne modus speel je samen. Je begint in een stadje en trekt vandaar uit rond door het Wilde Westen. Hierbij ontmoet je vel vreemde wezen waar je regelmatig mee moet vechten door kaarten uit te spelen. Omdat dit echt bedoelt is als een ontdekkingstocht ga ik niets verklappen. Het spel zelf is niet echt heel bijzonder en regelmatig nodeloos complex door het gebruik van enorme hoeveelheden afkortingen. Maar het verhaal dat je samen ontdekt, vind ik wel leuk. De wezens die je tegenkomt zijn echt leuk bedacht en het spel ziet er prachtig uit. Het verhaal bestaat uit 4 hoofdstukken en we hebben er nu drie van gespeeld. Binnenkort spelen we verder en ik ben benieuwd hoe het verhaal zich gaat ontvouwen. 

woensdag 9 augustus 2017

iPhone en iPad: Star Realms

Star Realms is een super snelle deckbuilder waarin twee spelers proberen elkaar ruimtevloot zo snel mogelijk aan gort te schieten (lees hier de recensie als je het spel niet kent). Als je het gewone spel nog te lang vindt duren (circa een kwartiertje), dan kan je de digitale versie in nog minder tijd afwerken (een minuutje of 5 als je een beetje je best doet).

In Star Realms beginnen beide spelers met 50 punten en een hand met 10 zwakke geld en aanvalskaarten. Afgezien van de allereerste beurt (dan trek je 3 kaarten), trek je altijd een hand met 5 kaarten die vervolgens mag inzetten. Met de geldkaarten kan je één van de vijf openliggende kaarten kopen en met de aanvalskaarten val je de tegenstander aan.

Er zijn heel veel verschillende nieuwe kaarten waarmee je betere combinaties van geld, aanvalspunten, herstelpunten en andere acties krijgt. Fijne acties zijn bijvoorbeeld dat je een kaart uit je hand of aflegstapel mag vernietigen (zodat je de slechtste kaarten uit je deck haalt en een steeds sterker deck over houdt) of dat je een extra kaart mag trekken. Soms kan je ook ruimtebasissen kopen. Deze kaarten geven (naast andere leuke dingen) je ook nog extra bescherming.

In de app kan je natuurlijk een tutorial volgen voor het geval je het spel nog niet kent. De tutorial is opgeknipt in vier korte interactieve intructie-filmpjes die zowel de regels van het spel uitleggen als de manier waarop de app werkt. Ik heb de tutorial overgeslagen en ben gewoon met spelen begonnen (ik kende het spel al). Ik had niet meteen door hoe alles werkte, maar met een beetje trial and error kom je er wel uit.

Je kan in de app het spel op verschillende manieren spelen, bijvoorbeeld online, tegen de A.I. of in de pass and play mode. In deze drie varianten speel je het reguliere spel tegen één tegenstander. Ik heb pass and play niet geprobeerd (dan leg ik het echte spel wel op tafel), maar de andere twee varianten spelen heel goed. 

Ik speel het spel het liefst op mijn iPad omdat ik op mijn telefoon de teksten op de kaarten niet goed kan lezen. Je kan natuurlijk altijd een kaart aantikken en dan wordt hij even vergroot en dan kan je hem prima lezen. Maar op mijn iPad kan ik de kaarten ook lezen zonder ze te vergroten en dat speelt dan net wat lekkerder. Als je het spel zo vaak gedaan hebt dat je de kaarten al aan hun plaatje herkent, dan werkt je telefoon natuurlijk ook prima, maar zo ver ben ik nog net niet.

Aan de app is ten slotte nog een campagne modus toegevoegd. Hierbij krijg je steeds andere uitdagingen voor je kiezen waarbij je de A.I. moet verslaan die met een bepaalde hand speelt (allemaal blob-kaarten bijvoorbeeld). Ik vind dit zelf minder leuk dan gewoon het reguliere spel en dus kan ik niet zo veel over zeggen. Technisch werkt het prima, maar het hang van je smaak af of je dit leuk vindt.

De app van Star Realms is gratis, maar dan kan je alleen tegen de makkelijke A.I. en de medium A.I. spelen maar niet tegen de sterke A.I. Ook heb je geen toegang tot de pass and play of tot het online spelen van het spel. Als je dat wilt, dan moet je EUR 5,50 neertellen. Vervolgens kan je nog verschillende uitbreidingen kopen. Voor de kleine uitbreidingen betaal je EUR 2,29, de grote uitbreidingen (zoals Colony Wars) kosten rond de 5 euro.

Als de app je bevalt, dan raad ik je zeker aan om de full version te kopen. Als je daarna nog meer wilt, dan kan ik ook de Colony Wars uitbreiding aanraden. De andere uitbreidingen heb ik zelf niet gekocht omdat ik ze wel heel duur vindt. Als ze een keer met (flinke) korting aangeboden gaan worden, dan ga ik ze wel kopen, maar niet voor deze prijzen.


Ik vind deze app echt heel leuk en speel hem regelmatig. De A.I.’s zijn prima. In het begin versloeg de makkelijke A.I. me zelfs af en toe, al zal me dat nu denk ik niet meer overkomen. De sterke A.I. veegt nog regelmatig de vloer met me aan en geeft me dus voldoende uitdaging om lekker door te blijven spelen. Ik kan deze app dan ook aan iedereen aanbevelen. Probeer de gratis versie uit en als het je bevalt kan je altijd upgraden. En als het spel je niet bevalt (ik kan het me eigenlijk niet voorstellen, maar smaken verschillen dus het zou kunnen), dan gooi je hem weer van je apparaten af en weet je dat je het echte spel ook rustig in de winkel kan laten liggen. Niet geschoten is in dit geval dus echt altijd mis!

zaterdag 5 augustus 2017

Crowdfunden: weet waar je aan begint!


Het aantal spelauteurs dat via crowdfunding-platforms (zoals Kickstarter of Indiegogo) probeert zijn spellen aan de man te brengen groeit nog steeds. Ik vind dit positieve ontwikkeling omdat dit zorgt voor meer diversiteit in het spellenaanbod. Als auteur met een goed idee ben je niet meer afhankelijk van spellenuitgeverijen of de bank. Via crowdfunding kunnen spellenontwerpers met een idee direct kijken of er genoeg spellenliefhebbers geïnteresseerd zijn in het spel om de financiering rond te krijgen. En als dat zo is, dan kunnen ze het spel laten maken.


Deelnemen aan een crowdfunding actie kan heel leuk zijn, maar er kleven ook risico’s aan. Als je met realistische verwachtingen deelneemt aan een crowdfunding is de kans kleiner dat je teleurgesteld wordt. Ik ga in dit blogje daarom vooral in op de valkuilen die kleven aan het meedoen met een crowdfunding-campagne.

Een crowdfunding-actie kan je in drie fasen onderverdelen. In de eerste fase probeert een auteur zo veel mogelijk mensen over te halen zo veel mogelijk geld uit te geven aan zijn project. Als genoeg mensen meedoen, dan worden in de tweede fase de laatste puntjes op de i gezet wat betreft het spelontwerp en wordt het spel geproduceerd. De laatste fase is als het spel wordt verstuurd.

Tijdens de crowdfunding-campagne komt het regelmatig voor dat de auteur je gouden bergen gaat beloven: nog nooit werden er zulke mooie miniaturen gemaakt, de houten onderdelen zijn van exclusieve houtsoorten gemaakt, het is echt het leukste spel dat ooit gemaakt is en echt iedereen vindt het spel geweldig (kijk maar naar de filmpjes van bekende bloggers die een recensie-exemplaar hebben gehad). Neem deze beloften vooral met een korreltje zout. De auteur zal waarschijnlijk een beetje overdrijven in zijn ijver om zo veel mogelijk mensen over te halen deel te nemen aan zijn project. En misschien gelooft hij ook echt wat hij zegt. Het is per slot van rekening zijn  eigen project dus helemaal objectief is hij niet.

Bedenk in deze fase wel dat het spel vaak nog in ontwikkeling is. Het spel zal voor 90% af zijn, maar de auteur is nog bezig met de laatste details in de regels en de uitvoering. En laten kleine details een spel nou juist kunnen maken of breken. Besef je dus dat je niet precies weet wat je koopt. Als je de knoop hebt doorgehakt en meedoet met een campagne zal je bovendien zelf ook minder kritisch worden en vooral letten op de aantrekkelijke kanten van het spel. Je verwachtingen worden daardoor steeds hoger en de kans op teleurstelling dus ook.

Een van de manieren waarop geprobeerd wordt om zo veel mogelijk mensen over te halen om mee te doen aan het project is door mensen speciale exclusieve extra’s in het vooruitzicht te stellen. Vaak gebeurt dit in de vorm van stretchgoals. Hoe meer mensen meedoen, hoe meer extraatjes jullie allemaal krijgen. Het kan dan gaan om een speciale verpakking, extra speelfiguren, meer kaartjes, een luxere uitvoering ,kleine uitbreidingen of extra scenario’s. Natuurlijk is het super leuk als jouw spel net wat extra’s bevat ten opzichte van de versie die later gewoon in de winkels te koop is. Dit is een van de charmes van crowdfunding. Maar vraag je ook af hoe nuttig die extra’s zijn. Vooral met uitbreidingen en scenario’s moet je goed opletten. Sommige auteurs maar bezig blijven met dingen aan het spel toevoegen waardoor je je kan afvragen of het spel zoveel uitbreidingen nog wel aan kan (wordt het spel niet topzwaar van zo veel extra’s). Of was het spel eigenlijk niet compleet in de meest basale versie en zijn de stretchgoals dus eigenlijk niets extra’s maar gewoon een onderdeel van het spel dat alleen via slimme marketing gebruikt wordt om de suggestie te wekken dat je meer krijgt.

Een andere veelgebruikte manier waarmee auteurs proberen om extra geld binnen te halen is door je de keus te geven om een luxere of uitgebreidere versie te kopen. Denk aan upgrades van het spelmateriaal (metalen muntjes in plaats van muntjes van karton bijvoorbeeld of geschilderde miniaturen in plaats van onbeschilderde) of door uitbreidingen aan te bieden. Meestal kan je deze extra’s met een (kleine) korting kopen. Rondom een campagne wordt vaak een sfeer gecreëerd dat je echt gekke Henkie bent als je al die mooie extra’s niet meteen mee besteld. Maar vraag je altijd af of dat ook echt zo is. Als het goed is, is het spel al leuk in de basisversie en zou je niet meteen allemaal upgrades nodig moeten hebben om er plezier aan te beleven.

Voor je op toevoegen drukt is het daarom goed om jezelf even af te vragen hoe vaak je überhaupt uitbreidingen koopt en speelt van de spellen die je al  hebt. Als je dat normaal niet doet (of alleen in uitzonderlijke gevallen) of ze altijd koopt maar ze vervolgens zelden speelt dan is het slim om niet bij elke crowdfunding actie meteen alles mee te bestellen wat er te krijgen is. Ik wil je niet aanzetten om nooit een ad on te bestellen, maar je vooral aanmoedigen om kritisch na te denken of je wel echt geïnteresseerd bent in de ad on of dat je je geld liever ergens anders aan uitgeeft.

Het komt ook regelmatig voor dat ad ons later in het proces nog worden toegevoegd. Je hebt dan al de stap genomen om het spel te kopen en de bijbehorende uitgaaf geaccepteerd. Als vervolgens interessante ad ons voorbij komen dan denk je minder snel na over het totale bedrag maar kijk je naar wat je extra moet betalen (oh, maar een tientje, dat is niet veel) waardoor je makkelijker nog even een ad on zal nemen. Door dus op verschillende momenten in de campagne nieuwe ad ons toe te voegen, proberen auteurs je over te halen telkens nog een extra stapje te doen. Dit houdt bovendien niet op als de campagne is afgelopen. Vaak houd je nog een flinke tijd na het afronden van de campagne de mogelijkheid om extra dingen toe te voegen aan je bestelling. Deze extra bestellingen tellen dan overigens niet meer mee voor het halen van stretchgoals, dus als je voor de bijl gaat dan kan je het altijd maar het beste tijdens de campagne doen.

Veel mensen verwachten dat een spel goedkoper is als je het via crowdfunding koopt dan als je het gewoon in de winkel koopt. Vaak schermen auteurs hier ook mee. Soms klopt dit, maar heel vaak ook niet. Allereerst moet je even goed opletten in welke valuta een spel wordt aangeboden. Het maakt nogal uit of je 50 Dollar of 50 Britse Ponden af moet rekenen. En dan kan het ook nog zijn dat de wisselkoersen tussen het moment dat je beslist om mee te doen met de campagne en het moment dat het geld van je rekening wordt afgeschreven zijn verslechterd (verbeterd kan natuurlijk ook).

En daarnaast moet je bij een crowdfunding actie (bijna) altijd ook verzendkosten betalen. Zeker als een spel uit het buitenland moet komen is dit zo maar tien euro of meer. Dit tikt dus best hard aan. 

Daar komen dan soms nog invoerrechten/B.T.W. en bovenop. Je moet invoerrechten/B.T.W. betalen als je een pakketje krijgt van buiten de EU dat een waarde heeft van 22 euro of meer (zie hier voor meer info). In dat geval moet je behalve de verschuldigde belasting bovendien nog een soort administratiekosten betalen aan de pakketdienst die het betalen van invoerrechten voor je heeft geregeld. De rekening tikt zo snel aan. Ik heb vorig jaar bij in de webshop van Boardgamegeek een paar kleinigheidjes besteld voor een kleine dertig euro. Daar kwamen de verzendkosten nog bovenop (bijna 15 euro) en vervolgens nog (uit mijn hoofd) ongeveer 5 euro B.T.W. en 15 euro (!!) administratiekosten. Uiteindelijk betaalde ik dus meer dan het dubbele voor het pakketje door de verzendkosten, belastingen en administratiekosten. De belastingen en administratiekosten moest ik vervolgens contant betalen aan de postbode. Ik had het geluk dat wat wisselgeld had, anders waren er nog een paar euro’s bij de prijs bijgekomen. Als je dus een pakketje verwacht waar je mogelijk voor moet bijbetalen, zorg er dan voor dat je genoeg contant en bij voorkeur gepast geld in huis hebt.

Gelukkig bieden veel auteurs tegenwoordig EU-friendly verzenden aan. Ze zorgen er dan voor dat de spellen eerst naar een plek in de EU worden verstuurd en betalen daarbij de verschuldigde belastingen. Daarna worden vanaf deze plek de pakketjes verzonden en hoeft de ontvanger geen invoerrechten meer te betalen. Als je niet ziet dat het project EU-friendly is en het pakketje van buiten de EU wordt verstuurd, houd dan dus rekening met bijbehorende kosten (dat hoeft niet erg te zijn, maar weet waar je aan begint).

Tijdens de crowdfunding-campagne communiceren auteurs vaak veel en uitgebreid met de geïnteresseerden. Je krijgt om de paar dagen een update en op het forum zal de auteur snel reageren op vragen. Kijk niet raar op als de maker zodra de campagne succesvol is afgesloten plotseling een stuk minder communicatief wordt. Zijn doel is bereikt: hij heeft de fondsen binnen om zijn spel uit te brengen en daar heeft hij de komende periode zijn handen aan vol. In deze periode ontvang je af en toe nog een update van de auteur, maar het zijn er een stuk minder dan tijden de campagne.

Je krijgt dan wel minder vaak updates, maar ik  vind het zelf heel leuk om via de updates te volgen hoe het loopt met het afronden van het spel en de productie hiervan. Hier komt echt veel meer bij kijken dan je verwacht. Vaak krijg je foto’s van proefdrukken en vertelt de auteur welke aanpassingen hij nog aan het spel gedaan heeft om het spel nog leuker te  maken. Regelmatig loopt het spel echter in deze fase ook al de eerste vertragingen op. Als een proefdruk niet goed genoeg is dan moet het spel nog worden aangepast en dat kost tijd. Of de fabriek heeft het druk waardoor je project achter in de rij moet aansluiten voor het gemaakt kan worden. Een spel bestaat bovendien uit verschillende onderdelen die door verschillende fabrieken gemaakt worden en de langzaamste fabriek bepaalt het tempo. Er kan werkelijk van alles mis gaan in deze fase en voor je het weet is de boel flink vertraagd.

En dan komt de derde fase, het moment waar je reikhalzend naar hebt uitgekeken:  het spel is klaar  en wordt uitgeleverd. Als je gelukt hebt dan kiest de auteur er voor om dit uit te besteden aan een gespecialiseerd bedrijf dat niets anders doet. Zeker als er veel ad ons in een project zijn aangeboden en er dus heel veel verschillende combinaties verstuurd moeten worden, dan is het gewoon lastig om alles in te pakken en versturen. Als een auteur het dan zelf gaat doen, reken er dan maar op dat dit flink wat tijd (tot maanden aan toe) gaat duren. Veel mensen vinden dit ontzettend frustrerend. Je leest op internet al dat mensen het spel ontvangen hebben en hoe geweldig ze het vinden en jij weet nog niet eens wanneer het spel verstuurd gaat worden. Hierbij geldt vaak dat hoe meer je besteld en dus betaald hebt, hoe langer je moet wachten omdat eerst de makkelijkste pakketten worden verstuurd  voordat aan de complexe combinaties wordt begonnen (nog een reden om niet te hebberig te zijn in de campagne-fase).

Het komt ook voor dat op het moment dat de basis-editie al klaar is, sommige ad ons nog gemaakt moeten worden. De auteur focust zich eerst op het produceren van het spel en dan pas op de andere ad ons. Dingen als t-shirts, opbergzakjes van stof, sleutelhangers of andere extra’s worden daardoor pas laat in het proces gemaakt. Dit zorgt dan weer voor extra vertraging en frustratie.

Een andere bron van frustratie is dat het regelmatig voorkomt dat het spel al geleverd wordt aan winkels terwijl het nog niet bij jou bezorgd is. Het komt voor dat auteurs via hun crowdfunding campagne ook al direct aan winkeliers verkopen (bijvoorbeeld door pakketten van 6 spellen aan te bieden tegen een gereduceerde prijs) of winkeliers kopen zelf een stapel spellen via de crowdfunding-actie. Het enige advies dat ik je kan geven is om rustig te blijven wachten. Zelf vind ik dit het meest frustreerde aspect van crowdfunden, maar een auteur wil gewoon zo veel mogelijk spellen verkopen en als hij snel via een groothandel een stapel spellen in de winkels kan krijgen, dan zal hij dat doen. Probeer je humeur hier niet te veel door te laten vergallen. Je spel komt, je moet gewoon nog een heel klein beetje geduld hebben. En heel misschien zit er nog wel een klein extraatje in de doos van de auteur om je te bedanken voor je steun. Zonder jou was dit spel er per slot van rekening misschien wel nooit geweest!

En nu maar hopen dat je spel net zo leuk is als je gehoopt had. Het grootste risico dat je genomen hebt is per slot van rekening dat je een spel hebt besteld dat je nog niet hebt gespeeld en waar nog maar weinig informatie over beschikbaar was op het moment dat je de beslissing nam. Het is dan altijd afwachten of het spel zo leuk is als je van te voren had bedacht.

woensdag 2 augustus 2017

Eerste indruk: This war of mine

This war of mine is een bordspel dat geïnspireerd is op een computerspelletje met dezelfde naam (nou lieg ik een beetje, bij het bordspel had ik eigenlijk nog the boardgame in de titel moeten zetten, maar een kniesoor die daar op let). In deze spellen moet je proberen een groepje gewone mensen in leven zien te houden in een belegerde stad. De subtitel van dit spel is niet voor niets “In war not everyone is a soldier”. Dit ongebruikelijke thema trok mijn aandacht (per slot van rekening draaien de meeste wargames wel om soldaten en zelden om gewone burgers) en dus heb ik dit spel vorig jaar via Kickstarter gesteund.

This war of mine is een coöperatieve workerplacer die je ook heel goed solo kan spelen. Al zijn er ook mensen die vinden dat dit primair een solospel is dat je als je echt heel graag wilt ook met meer mensen kan spelen.  Deze rare discussie wordt veroorzaakt doordat je in dit spel niet je eigen speelfiguur hebt. Alle spelers spelen samen met dezelfde speelfiguren en je beslist om de beurt wat deze karakters doen. Tijdens het spel speel je meerdere dagen die allemaal in dezelfde stappen zijn verdeeld. In elke stap voer je bepaalde acties uit. Als je met meer mensen speelt dan geef je na elke stap de beurt door aan de volgende speler.

Aan het begin van het spel kies je uit met welke karakters je speelt. Voor elk karakter krijg je een mooie miniatuur speelfiguur en een kaartje waarop de naam van het karakter staat samen met zijn of haar beroep, een lef- (prowess) en empathie niveau en hoe sterk het karakter is. Op het kaartje staan ook nog letters met daarachter bepaalde acties die op een bepaald moment van de dag kunnen optreden. Deze acties geven extra kleuring aan de karakters. Zo wordt Anton, de wiskundeprofessor verdrietig als hij geen boek heeft om te lezen en wordt hij snel ziek als hij honger heeft. Katia, een verslaggeefster, heeft echt een bakkie koffie nodig op zijn tijd en kan met haar gitaarspel andere karakters de ellende van de oorlog een beetje laten vergeten.

Deze mensen (zie je hoe snel je van speelfiguur, naar karakters naar mensen gaat?) wonen in een verwoest huis in een belegerde stad. Het huis tocht, er ligt heel veel puin en er zijn geen meubels meer. Overdag gaan de bewoners aan het werk om het huis langzaamaan steeds comfortabeler te maken. Zo kan je puin ruimen, in sommige ruimtes op zoek gaan naar grondstoffen zoals hout, onderdelen, technische componenten, mechanische componenten en misschien vind je zelfs wel wat te eten of medicijnen. Met de grondstoffen kan je dingen maken, zoals een bed of een groentetuintje. Maar hoe hard je je best ook doet, er is gewoon niet genoeg tijd om het huis echt bewoonbaar te maken.

Overdag zijn de bewoners redelijk veilig, maar ’s nachts loert het gevaar. Maar hoe graag je ook zou willen, je kan niet binnen blijven zitten want je moet op zoek naar drinken, eten, grondstoffen en andere nuttige zaken. Tegelijkertijd kan je het huis niet onbewaakt achterlaten want dan zou het zo maar kunnen zijn dat iemand anders het inpikt. Een deel van de bewoners zal dus het huis moeten bewaken, terwijl anderen hun leven wagen op een gevaarlijke strooptocht. En dat terwijl de bewoners al zo moe zijn. Het liefst zouden ze in bed duiken, maar meestal kan je dat niet veroorloven (dan maar een tukkie op het bed overdag).

Iedere nacht zijn er drie locaties waar je uit kan kiezen om op strooptocht te gaan. Op verschillende locaties zijn natuurlijk verschillende dingen te vinden. In het ziekenhuis liggen bijvoorbeeld meestal wel wat achtergebleven medicijnen en in een militair kamp vind je misschien wel een wapen. Maar waar je ook bent er zijn altijd kastjes en kamers om te doorzoeken. Afhankelijk van de gekozen locatie trekken de spelers een aantal kaarten van de exploration stapel. Deze kaarten draai je vervolgens één voor één om en voer je uit. Je hoopt snel kaarten te trekken waarop staat dat je mag zoeken (dan pak je een findings kaart en zie je wat je gevonden hebt).

Maar in de stapel zitten ook heel veel kaarten waar je net niets vind omdat je voor een gesloten deur staat en je net geen lockpick hebt meegenomen. Of je vind wel iets maar dan moet je eerst ergens naar boven klimmen. En dat maakt lawaai (stapjes omhoog op het Noise-spoor) en dan moet je hopen (gooi niet te hoog met de dobbelsteen) dat niemand je hoort want anders zouden er wel eens wat nare types kunnen komen kijken wat je aan het doen bent. En als ik nare types zeg, dan bedoel ik ook echt nare types. Denk bijvoorbeeld aan soldaten die alles wat je gevonden hebt van je jatten, tenzij je met ze wilt vechten. Wat je liever niet wilt want zij hebben vuurwapens en jullie hebben niets of misschien net een mes. Dus misschien klim je dan maar niet naar boven, ook al betekent dat dat je een kans laat liggen om eten te vinden. 

De bewoner(s) die het huis bewaken vergaat het ondertussen al niet veel beter. Ook deze personen lopen de kans om oog in oog te komen te staan met boeven, soldaten of andere creeps met slechte bedoelingen. Of gewoon door andere wanhopige oorlogslachtoffers die alleen aan eten kunnen komen door te stelen. Het komt dan ook regelmatig voor dat de bewoners die op strooptocht zijn gegaan de bewaker(s) aantreffen met wat verse wonden. En kijk niet vreemd op als jullie voorraden dan ook nog zijn geplunderd.

Naast deze belangrijke grote stappen in de dag zijn er ook nog een aantal kleine (kortere) stappen waarin je bijvoorbeeld je bewoners te eten en drinken moet geven (anders krijgen ze honger en gaan ze uiteindelijk dood). Ook moet je verschillende momenten kaarten omdraaien waarop een stukje tekst staat en waarin je vaak doorverwezen wordt naar een boek met daarin een kleine 2000 korte verhaaltjes die extra kleuring geven aan het spel (je kan in plaats van dit boekje ook de gratis app gebruiken als je dat makkelijker vindt). Soms is het niet meer dan een stukje tekst, maar regelmatig wordt je voor een keus gesteld (vechten of vluchten, helpen of de andere kant op kijken). De makers willen de spelers van dit spel met deze stukjes tekst echt met hun neus op de verschrikkelijke feiten drukken: in een oorlog gebeuren de meest vreselijke dingen en moet je de meest verschrikkelijke dingen doen om te overleven. In de scenario’s zijn moord, marteling, verkrachting, diefstal aan de orde van de dag. Zo zouden je bewoners ooggetuige kunnen zijn van een executie of kunnen horen hoe iemand  gemarteld of verkracht wordt. Maar de bewoners zijn niet alleen maar toeschouwer bij deze vreselijke gebeurtenissen, het kan ook zijn dat ze zelf niet aan dit soort gevaarlijke situaties kunnen ontsnappen (met blote handen begin je niets tegen een groep gewapende soldaten). Deze scenario’s zijn ook de reden dat dit spel voor 18 jaar of ouder is.

Het is van te voren niet precies duidelijk hoeveel dagen oorlog de bewoners nog moeten doorstaan. Het zijn er minimaal 8, maar er kunnen nog een paar dagen bijkomen (dit hangt af van hoe de laatste kaarten van een stapel gebeurtenis-kaarten geschud zijn). Als nog ten minste één van de oorspronkelijke bewoners in leven is op het moment dat de oorlog is afgelopen, dan win je het spel.
This war of mine is een spel met een boodschap. Maar tegelijkertijd blijft het wel een spel. Het grootste deel van de tijd ben je bezig met bedenken hoe je je schaarse acties zo goed mogelijk kan verdelen en welke risico’s je wel en welke je niet wil nemen. Maar regelmatig wordt je door een stukje tekst weer even gewezen op het feit dat er ook echte oorlogen zijn waarin echte mensen moeten zien te overleven onder verschrikkelijke omstandigheden.

Op Boardgamegeek staat een review van dit spel dat geschreven is door iemand (Jasenco Pasic) die als kind in het belegerde Sarajevo woonde (ik raad je van harte aan deze review te lezen). Jasenco schrijft in deze review dat mensen hem af en toe vragen hoe het was om in een belegerde stad te wonen. Dit is niet uit te leggen, maar Jasenco vindt dat This war een heel goed hulpmiddel is om mensen uit te leggen hoe zwaar het leven in een belegerde stad was. This war of mine heeft mij in ieder geval aan het denken gezet. Zo heb ik informatie opgezocht over de oorlogen in voormalig Joegoslavië (waarom vochten die mensen toen ook al weer, ik was het vergeten).

Maar terug naar het spel. Is This war of mine vooral een boodschap verpakt in een spel of is het ook een goed speelbaar spel. Deze vraag kan ik niet eenduidige beantwoorden. Het is echt een beetje van beiden.



This war of mine zit namelijk heel dicht tegen een simulatie aan. Ik vind het belangrijk dat je veel invloed hebt op of je een spel wint of verliest. Dit heb je tot op zekere hoogte wel in This war of mine, maar er zit een stevige geluksfactor in This war of mine. Als je net de verkeerde kaart trekt (je ontmoet tot de tand bewapende, super agressieve boeven) dan ben je kansloos. In het spel spelen dobbelstenen bovendien een belangrijke rol (gooien of je niet te veel herrie maakt, gooien tijdens gevechten, gooien of het lukt om een door te openen met de lockpick, gooien hoeveel groenten je tuintje hebben opgeleverd). Hoe goed je het ook doet, het kan zo maar zijn dat het spel in eens afgelopen is omdat je gewoon pech had (je was op de verkeerde plek op de verkeerde tijd).

En dan heb ik het nog niet gehad over de speelduur. Op de doos staat 45 tot 120 minuten, maar daar klopt niets van. In minder dan 2 uur kan je het spel echt niet uitspelen (tenzij je verliest doordat alle bewoners dood zijn). Reken maar rustig op minimaal 6 uur en daar kunnen nog een paar uur bij komen als je speelt met mensen die alle mogelijkheden uitgebreid willen bespreken voor ze iets doen of de vrede lang op zich laat wachten. Eigenlijk vind ik dit veel te lang voor een spel.

Maar ondanks deze forse nadelen, vind ik This war of mine gewoon heel leuk om te spelen. Wat me in dit spel aanspreekt is dat het een spel is waarin je samen een verhaal bouwt. De speelfiguren worden mensen en je wil echt dat ze het eind van het spel halen en je doet je best om ze zo gelukkig mogelijk te houden. Ik zou het verschrikkelijk vinden als ik kon winnen door een van de bewoners op te offeren ten gunste van de groep. Je leeft echt een beetje met ze mee. En ik vind het bijzonder dat het een spel is dat je echt even aan het denken zet over oorlogen in het algemeen en die in voormalig Joegoslavië in het bijzonder.

Ik heb het spel een keer alleen gedaan en een keer met zijn vieren. Ik snap dat er mensen zijn die vinden dat je dit spel het best in je eentje kan spelen. Je hoeft dan niet te overleggen over de keuzes en daardoor kan je misschien een paar uur van de speeltijd afhalen. Maar zelf vond ik het spel het best tot zijn recht komen toen ik het met een groep speelde. Het is leuk om samen de keuzes af te wegen. We speelden wel allemaal met alle bewoners, maar we hadden wel allemaal een eigen bewoner waar je dan zelf de verschillende acties (die misschien iemand anders koos) mee uitvoerde. Dat had eigenlijk niet gemogen, maar dat ontdekten we pas achteraf. Dit werkte heel goed en maakte het spel voor mij extra leuk. Normaal speel je maar met drie bewoners en de extra bewoner maakte het spel wel een beetje makkelijker. Het is misschien daardoor ons wel gelukt om het spel uit te spelen. In totaal hebben we zes uur gespeeld, maar het voelde veel korter.

Het thema van het spel komt ook terug in de manier waarop je de spelregels moet leren. Een normaal spelregel boek ontbreekt namelijk in het spel. In het spel zit een journaal waar je stap voor stap door het spel wordt geloodst. De makers moedigen je aan om gewoon met spelen te beginnen. Tijdens de eerste dag weet je daardoor nog niet zo goed wat je aan het doen bent, maar bij dag 2 (als je dat haalt tenminste) begint alles op zijn plek te vallen. Dit is dus net als dat in een oorlog gewone burgers ook maar door te proberen moeten ontdekken wat slim is en wat niet.

Het journaal dient ook meteen om aan te geven wie de actieve speler is (degene die het journaal vasthoudt). In het journaal staat aangegeven op welk moment je het journaal door moet geven aan de volgende speler. Deze speler mag dan de volgende beslissing nemen en is degene die kaarten omdraait en dobbelstenen gooit. In de praktijk zal je als groep overleggen wat je wilt doen en met mijn groep hebben we het nooit nodig gehad dat een actieve speler de knoop door moest hakken omdat we er samen niet uitkwamen. Ik moest even wennen aan deze manier van spelen, maar het werkt op zich wel. Ik had alleen nog wel graag een normaal spelregelboekje gehad waar alle regels in staan zodat het makkelijker zou zijn geweest om kleine dingetjes nog even na te zoeken. Zo moesten wij op een gegeven moment een actie uitvoeren op de “first floor”, maar wisten we niet hoe we moesten bepalen wat nou precies de “first floor” van ons huis was (begane grond, eerste verdieping en zaten er nou één of twee lagen kelders onder het huis).

Ik vind zelf het doorgeven van een boekje niet zo prettig. Allereerst wordt je boekje er snel smoezelig van, maar het leek me ook niet prettig werken. Soms ben je halverwege een bladzijde als je door moet geven en dan moet je telkens aanwijzen waar je gebleven bent. Ik heb daarom het boekje overgetypt op kaartjes en deze geprint, geplastificeerd en met een ring aan elkaar gemaakt. Iedere beurt  is nu een bladzijde (soms twee). Aan het eind van de beurt sla je de bladzijde om en geef je het boekje door aan de volgende. Dit werkte heel goed (en ik had geen grote fouten gemaakt bij het overtypen). Ik heb het bestand op Boardgamegeek gezet (zie hier), dus print het gerust als je wilt.

This war is mine is geen spel dat iedereen leuk zal vinden. Daarvoor is het thema te duister en confronterend, de geluksfactor te hoog en duurt het spel (veel!) te lang. Maar als je de tijd hebt om dit spel te spelen en je er van houdt, dan is dit een heerlijke manier om je al spelenderwijs onder te dompelen in een verhaal over gewone mensen in uitzonderlijke omstandigheden. Het kost je dan wel flink wat uren, maar die uren vliegen gegarandeerd voorbij. En dat is dan weer een heel goed teken.